Gisteravond op YouTube zitten kijken naar Gabor Maté. Een terugkerende boodschap is dat door onveilige hechting mensen zich niet ontwikkelen tot hun ware aard. Anders gezegd: als je bijvoorbeeld (zucht) door de aanpassingen in je brein je de hele tijd bezig houdt met de potentiële afkeuring of bevestiging van een ander, dan is er maar weinig ruimte om jezelf te zijn.

Wat suggereert dit?

Simpel: als ik veilig gehecht zou zijn geweest, dan was ik mezelf geweest, ‘authentiek’ (als in “gelijk aan het origineel”, “eigen”, “bijzonder”). Maar dat ben ik niet geweest, dus ben ik niet mezelf. En de interne alarmbellen beginnen donkerrood op te gloeien. ‘Mensen met deze breinadaptatie (ADD) kunnen zichzelf in de spiegel aankijken, en zeggen: “ik herken mezelf niet in de spiegel”’; het is een uitspraak in zijn boek. Heel herkenbaar hoor: ik heb heel wat uurtjes voor de spiegel versleten voordat ik tot de conclusie kwam dat daar in wezen niemand was. De emotionele classificatie van Gabor is vervolgens dat dat heel erg is: mensen dienen zichzelf te zijn.

Maar wat is dat dan?

Als ik me door mijn eerdere veilige hechting op volwassen leeftijd niet voltijds bezig hoef te houden met het continu inschatten van eender welke sociale relatie, kan ik me aldus inhoudelijk richten op wat ik zelf ben, d.w.z. wat ik ‘diep van binnenuit’ denk, voel, ervaar.
Maar …. Gabor zegt ook dat we in wezen slechts elementen zijn in een sociaal systeem. In het geval van de ultieme veilige hechting vertrouwt de nog ik-loze baby zijn verzorger volledig, en dus wordt de sociaal-emotionele programmering van pa en ma als zoete koek naar binnen geharkt en nestelt zich in de circuits van de baby. Als later het zelfbewustzijn online komt, is deze al voorgeprogrammeerd met bijna alles wat pa en ma zijn. Bijna alles, want er zijn natuurlijk wat variaties in de genen, omstandigheden en latere ervaringen zorgen voor enige uniciteit. Maar hoe ‘jezelf’ ís dat dan?
Terugkomend bij de spiegel: als ik veilig was gehecht, dan had ik in de spiegel gekeken, en een diepe, geruststellende sensatie gehad bij de gedachte: “Dit ben ik.” Maar een zuiverder uitspraak zou de volgende zijn geweest: “Wat een geruststellend tijdelijk, uit het DNA van twee mensen opgebouwd sociaal-biologisch systeem, dat op zijn beurt op dagbasis een stabiel ‘ik’ creëert, die op zijn beurt een diep geloof heeft dat het, net als dat systeem, echt bestaat en zichzelf ook nog eens authentiek vindt.”

Een analogie

Koop een breedsproeier van Gardena en zet ‘m aan op een zonnige dag. De machine is echt. Het water is echt. De zon is echt. Maar probeer nu maar eens nat te worden van de regenboog die tot leven komt, of de regenboog na gebruik terug in de schuur op te bergen. Die regenboog ervaart zichzelf tijdens zijn kortstondige bestaan evenwel en denkt: “Ik denk dus ik ben! En Godsamme, wat ben ik trouwens authentiek zeg!” Sluit het water af, zet de machine uit of wacht tot het nacht wordt: de regenboog is verdwenen. En zo ook u en ik.

Gabor onderschrijft dit met het aanhalen van Damásio, die in zijn boek Decartes error omschrijft hoe dat ‘ik’ elke dag weer wordt opgebouwd in het brein. Maar ondanks dat maakt Gabor een verschil tussen regenbogen die de mooie, heldere, halfronde vormen met de ons zo bekende kleurtjes hebben, én alle regenbogen die neonkleuren produceren, of bizar donkere tinten, of geen halve cirkel zijn, maar een vlak. De eerste categorie regenbogen zijn zichzelf. De tweede niet.

Oh ja?

Sproeiers kun je bouwen in vreemde soorten en maten. Er zijn er die stotterend water spugen, en in combinatie met licht de regenboog niet projecteren als een halve cirkel, maar als een hele cirkel, of het eerder genoemd vlak.
Ze kunnen gevoed worden met water, maar in principe ook met citroenlimonade, of misschien wel verdunde stroop.
En hoe zou een regenboog eruit zien die tot leven komt in een atmosfeer gevuld met zware metalen?
Maken die verschillende sproeiers, vloeistoffen en atmosferen niet allemaal eigen, unieke, authentieke en tegelijkertijd hoogst illusionaire ikken?

Tenslotte

Je kunt sproeiers kapot slaan, de vloeistoftoevoer droogleggen, of de atmosfeer vernietigen, en dan lijkt er maar één onverwoestbare, dare I say werkelijk tijdloos authentiek bouwblok over te blijven :

Licht.

Is dat nou niet fascinerend?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.